Is God er wel voor LGBTQ+?
- 10 nov 2025
- 3 minuten om te lezen
In Rome

Op 6 september 2025 vond in de Sint-Pietersbasiliek een pelgrimage plaats van LGBTQ+ gelovigen, met instemming van paus Franciscus zaliger gedachtenis, en Leo XIV. Vier conservatieve bisschoppen reageerden met een publieke “acte van eerherstel” voor wat zij noemden de “ontwijding” van het heiligdom. In hun ogen kan “zonde” niet gezegend worden. Maar in hun symbolische daad werd niet de zonde, maar de LGBTQ-mens zelf tot zonde gereduceerd. Daarmee werd de LGBTQ+ gelovige niet alleen uitgesloten van de zegen, maar ook van de gemeenschap, van de kerk, van God.
Intussen in Nederland
Tijdens de verkiezingscampagne werd CDA-leider Henri Bontenbal bevraagd over een documentaire waarin de onveiligheid van LGBTQ+ jongeren op islamitische en reformatorische scholen werd blootgelegd. Een homoseksuele jongeman getuigde hoe hij zich jarenlang niet veilig voelde om zichzelf te zijn. Bontenbals eerste reactie was technisch, afstandelijk en miste empathie. Later erkende hij zijn fout, zoals je mag verwachten van een christendemocraat. Tegelijkertijd bleef hij vasthouden aan de vrijheid van onderwijs – een grondrecht dat soms wringt met artikel 1 van de Grondwet, dat gelijke behandeling garandeert.
Niet veilig
Mag ik er zijn? Die vraag is geen retoriek, maar een existentiële noodkreet. Wanneer voel ik me veilig? Als ik getolereerd word? Beschermd? Geaccepteerd? Of pas als ik bemind word? Wat als mijn ouders, uit geloof, schaamte of angst, mij verbieden mezelf te zijn? Wat als mijn school of gemeenschap mij belemmert in mijn ontwikkeling, in mijn identiteit, in mijn mens-zijn? Wie bepaalt wat een “gelukt leven” is? En waarom lijkt dat recht voorbehouden aan hetero normatieve mensen?
Keuzes?
Er wordt vaak gezegd: “Dan kies je toch voor jezelf. Stap uit die gemeenschap. Laat het los.” Maar is het werkelijk zo eenvoudig? Moet je alles opgeven – je familie, je geloof, je geschiedenis – omdat je op één punt afwijkt? Waarom zou de druk van de groep zwaarder moeten wegen dan de roep van je hart?
De spiegel
Durven geloofsgemeenschappen, scholen en gezinnen zichzelf in de spiegel aan te kijken? Durven ze erkennen dat verandering niet altijd van de ander hoeft te komen? Dat ook zij kunnen groeien in liefde, begrip en menselijkheid? Het lijkt soms onmogelijk om dogmatisch geïnterpreteerde morele leer te herzien. Maar als die dogma’s mensen breken, vervreemden of tot wanhoop drijven, dan is het geen geloof meer – dan is het controle.
Wat je verliest
Wie mensen hun vrijheid tot zelfontplooiing ontzegt, verliest meer dan alleen leden. Je verliest vertrouwen, verbondenheid, liefde. Mensen trekken zich terug, verlaten hun gemeenschap, hun geloof, soms zelfs het leven. Anderen zoeken hun eigen weg, maar dragen het gemis van wat had kunnen zijn. Niemand wil breken – tenzij het echt niet anders kan.
Wat je zou kunnen winnen
Stel je voor dat LGBTQ+ mensen niet langer als “zonde” worden gezien, maar als volwaardige, geliefde schepsels van God, gewone leden van de maatschappij en van geloofsgemeenschappen. Wat een energie zou dan vrijkomen. Wat een liefde, creativiteit, inzet, geloof. Wat een rijkdom aan menselijkheid. Maar daarvoor is verandering nodig – in denken, in spreken, in handelen.
Verandering
Liefde is geen zwakte. Liefde is geen naïef idealisme. Liefde is een keuze. Een daad. Een kracht. Wie in liefde gelooft, gelooft in transformatie – van zichzelf én van de ander. Dat geldt voor ons allemaal.
Mildheid, zachtmoedigheid, erbarmen
Wie zich christen noemt, zou zich deze deugden eigen moeten maken. Niemand heeft de waarheid in pacht. Begrip vraagt tijd, geduld, gesprek. Maar voor sommigen is die tijd er niet meer. De pijn is te groot, de eenzaamheid te diep. Dan moeten we durven zeggen: genoeg is genoeg. Niet de LGBTQ+ persoon moet veranderen. De opvattingen over hen moeten veranderen. Wij zijn mensen. En als gelovige mensen zijn we geroepen om met mildheid te kijken naar wie worstelt met anders-zijn. De woorden van Jezus – “Heb je vijanden lief” – zijn voor ons dubbel waar: omdat we geloven, en omdat we anders zijn. Onze liefde is niet alleen voor onszelf. We kunnen getuigen van Christus zijn, juist vanuit onze kwetsbaarheid, onze strijd, onze hoop.
Een antwoord
Is God er voor LGBTQ+? Als je sommige mensen hoort, zou je denken van niet. Maar misschien is dat de verkeerde vraag. Zoals Kennedy zei: “Vraag niet wat jouw land voor jou kan doen, maar wat jij voor jouw land kunt doen.” Zo kunnen wij zeggen: “Vraag niet wat God voor jou kan doen, maar wat jij voor God kunt doen.”
Zoals Etty Hillesum schreef: “Wij moeten God helpen.” En dus zeggen wij: “Heer, hier ben ik. Zoals U mij hebt geschapen. Door u gewild, gekend, bemind. Laat mij werken in uw wijngaard. Laat mij bouwen aan uw koninkrijk. Niet ondanks wie ik ben, maar dankzij wie ik ben.”
Dan zijn wij er voor God. En is God er voor ons. Voor álle mensen.












Opmerkingen