top of page

Heteronormatief

Gerard Amersfoort.

Dat was het woord wat de dominee van de gemeente waar ik dooplid ben noteerde. Ik was met hem in gesprek naar aanleiding van zijn handtekening onder de Nashville-verklaring. Voorafgaand aan het gesprek heeft hij deze ingetrokken, waar ik blij om ben. Ik probeerde hem uit te leggen dat ondanks dat zaken in Nederland wettelijk goed geregeld zijn, zoals hij vond, ik me soms nog wel degelijk anders behandeld of afgeschilderd voel dan hetero’s. Heteronormativiteit gaat niet alleen over de grote dingen, maar zeker in Nederland juist ook over de kleine dingen. Natuurlijk zijn er verschillen tussen hetero’s en homo’s. Ik ben niet gelijk aan een heteroman, maar wel gelijkwaardig. Ik kan me goed voorstellen dat het lastig voor te stellen is hoe het is om anders te zijn, als je zelf de norm bent.

Toen ik 3 jaar geleden een gezamenlijke rekening opende voor Coen en mij kreeg ik in eerste instantie nul op het rekest. Het beleid van de bank was dat een dergelijke rekening alleen geopend kon worden door een stel. Wij stonden samen ingeschreven op hetzelfde adres, maar omdat we allebei man zijn moest ik er achteraan bellen om te zeggen dat we een stel zijn. Ik ben de laatste die daar al te moeilijk over doet, en ik kan het ook nog wel logisch verklaren, maar het is onmiskenbaar een van de uitwassen van de heteronorm. Ik durf de stelling aan te gaan dat een heterostel in dezelfde situatie niet hoeft te verdedigen dat ze niet enkel huisgenoten zijn.

Ik zat vaak lang samen in een auto met nieuwe collega’s toen ik werkte als horecamedewerker bij een horeca-uitzendbureau. In die gesprekken die een kennismakingsaard hebben, ontweek ik vakkundig dat mijn ‘partner’ een man is. Bang om niet meer als ‘Gerard, de nieuwe collega’ gezien te worden, maar als ‘Gerard, de homo’. “En studeert je vriendin ook nog?” “Nee, hij is afgestudeerd.” Écht liegen doe ik natuurlijk niet. “O, aan jou zie je het helemaal niet.” En wat moet ik daar dan bij denken? Dat ik een leuke homo ben omdat ik op jou blijk te lijken?

Elke keer, op iedere plek als ik Coen een hand wil geven kijken we even om ons heen. We hebben geen zin in gedoe. Als hetero ben je vaak de norm, zo schetst AD-columnist Nynke de Jong: “Ik ben een heteroseksuele witte vrouw. Er zijn maar weinig plekken waar ik de uitzondering ben. Ik heb kunnen trouwen met mijn partner zonder dat iemand ook maar een wenkbrauw optrok. Wij hebben onze kinderen gekregen op een gangbare manier, zonder dat we een donor moesten zoeken, of een draagmoeder, of dat we een ellenlang adoptietraject hebben hoeven afleggen.”

Afwijken van de norm, hoe vervelend ook soms, heeft ook iets positiefs gebracht. Door de diversiteit in de gayscéne heb ik geleerd naar het hart van de ander te kijken en niet naar hoe diegene eruit ziet, hoe diegene er bij loopt of hoe vaak en of diegene naar de kerk gaat. Ik heb verbinding durven leggen met mensen wiens werkelijkheid ver van de mijne stond en iets van Zijn liefde kunnen doorgeven. En juist op plaatsen waar God volgens mijn opvoeding niet zou zijn, zoals tijdens Pride, zag ik mensen Jezus’ voorbeeld volgen. Onvoorwaardelijke acceptatie voor de ander en luisteren van hart tot hart. In de gayscéne maakt het niet uit wie je bent of hoe je er uit ziet. Ze vind haar identiteit in diversiteit, en dat zorgt ervoor dat je de ander minder snel veroordeelt.

Een denkfout die christenen kunnen maken is dat niet aan hun norm voldoen hetzelfde is als een normloos bestaan leiden. Volgens mij is de zoektocht naar een waarheid veel belangijker dan de waarheid denken te hebben. Als je alleen in hokjes denkt ontkom je er niet aan dat je sommige van je naasten buitensluit. Buiten de hokjes is veel denkruimte; denkruimte geeft inzicht en zorgt ervoor dat je je naaste beter leert begrijpen. Als zaken ter discussie komen te staan omdat je afwijkt van de norm kun je sneller komen tot de kern van een discussie. En dat creëert op sommige punten andere normen en waarden, maar nog geen normloos bestaan. Tijdens mijn coming-out, wat feitelijk beschouwd het kenbaar maken was dat ik niet langer aan de geldende norm kon voldoen, was ik het meest bang voor het oordeel van medechristenen. Wat zou het mooi zijn als de onvoorwaardelijke acceptatie die ik ervaren heb in de gayscéne in meer kerken een plek zou krijgen.

Het is niet mijn intentie om zielig te doen over heteronormativiteit of dat we worden nagekeken als we hand in hand lopen. Rationeel beschouwd is het logisch, ons brein pikt afwijkende zaken op. Op dezelfde manier dat ik mezelf betrap dat ik automatisch kijk als iemand een arm mist, in een rolstoel zit of een paarse puntmuts draagt. Maar dat maakt het nog niet oké om mensen na te staren. Ik heb willen betogen dat heteronormativiteit bestaat. En als ik dat duidelijk heb kunnen maken aan mijn dominee, ben ik een gelukkig mens. Zo leren we elkaar elke keer iets beter begrijpen als we ons voor elkaar openstellen.

 

Gerard Amersfoort is opgegroeid in de reformatorische gezindte en heeft 3 jaar een relatie met Coen. Hij ziet het als zijn missie om LHBT'ers en christenen meer begripvol naar elkaar te laten zijn en wil dat doen door het gesprek aan te gaan en zijn ervaringen te delen.


Recente blogposts

Alles weergeven
Vind je een reactie ongepast?
Meld het!
Vind je een reactie ongepast?
 
Meld het!
samen zijn wijdekerk
bottom of page