Vader, ik ben homo

8 Feb 2018

Ik zit op de fiets naar huis. Mijn hart bonst in mijn keel terwijl ik mijn straat in rijd. Vandaag ga ik het vertellen. Ik rijd de oprit op, parkeer mijn fiets en besluit het direct te doen. Dan is het meteen achter de rug.

Mijn vader zit aan de keukentafel met een kop thee. Ik groet hem en zet mijn tas in de hoek. Terwijl ik bij hem ga zitten, krioelen er duizend vlinders in mijn buik. Hij kijkt me aan met een glimlach.
‘Wat is er, jongen?’
Ik slik. ‘Hoezo?’
‘Je lijkt zo gespannen.’
‘O.’ Ik wend mijn blik af en friemel aan het tafelblad. Ik haal diep adem en spreek de woorden uit.
‘Ik moet u iets vertellen. Vader … ik ben homo.’
Er valt een stilte en ik durf haast niet op te kijken. Na een paar tellen doe ik het toch. Wat zal ik vinden op zijn gezicht?

Hij kijkt me stralend aan en knikt.
‘Dat weet ik toch,’ zegt hij met warme stem.
Ik sper mijn ogen wijd open. Hij wist het al? Ik maak me al maanden druk om dit moment, en hij wist het al?
‘Ik ben heel blij dat je dit nu aan mij vertelt,’ vervolgt hij. ‘Ik weet zeker dat je een fijne groep mensen zult vinden die hetzelfde meemaken als jij. Ze zullen je steunen en opbouwen. En ergens op de wereld loopt een geweldige vent rond, die perfect bij jou past.’
Ik begin tegen te sputteren. ‘Maar in de kerk …’
‘In je kerk vinden ze het zondig als je een relatie zou aangaan, ik weet het. Het is niet altijd gemakkelijk voor je geweest. Daarom heb je het ook nu pas aan mij verteld.’
Ik knik. ‘Dat klopt, vader. Maar … hoe weet u dit allemaal?’
Hij pakt mijn hand en houdt hem stevig vast. Met een liefdevolle blik zegt hij: ‘Jongen, ik heb jou toch gemaakt? Ik ben altijd bij je.’
‘Ja, dat is waar,’ antwoord ik. Ik kijk naar mijn hand in de zijne en slik. ‘Maar ik dacht … ik dacht dat u boos zou zijn. Ik dacht dat u me het huis uit zou trappen en me niet meer zou willen zien.’
Nu bespeur ik iets van droefheid op mijn vaders gezicht.
‘O, mijn lieve zoon,’ zucht hij. ‘Je weet toch dat ik liefde ben? Mijn volmaakte liefde drijft alle angst uit.’
‘Ja, dat heb ik wel eens ergens gelezen,’ knik ik. Ik haal diep adem en voel de angst van me af glijden. Mijn vader geeft me een klopje op mijn hand. ‘Ik zet een kop thee voor je.’ Terwijl hij mijn hand loslaat, zie ik het grote, cirkelvormige litteken op zijn pols. Hoe heb ik zijn liefde ooit kunnen onderschatten?

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Recente berichten

16 Oct 2019

Please reload

Vind je een reactie ongepast?
 
Meld het!

Stichting Wijdekerk

info@wijdekerk.nl

KvK : 70255547

IBAN : NL14 BUNQ 2205 8874 83

RSIN : 858217946

Proclaimer

Wij vinden het belangrijk dat iedereen zijn/haar verhaal hier kan delen. Dit staat los van de mening van het team over de inhoud. Het is niet aan ons om te oordelen maar om, in navolging van Jezus Christus, elkaar in liefde te aanvaarden. 

 

Auteurs zijn altijd zelf verantwoordelijk voor de inhoud van hun verhaal. Wij als team doen ons uiterste best correcte en authentieke bijdragen op deze website te plaatsen. Als je onjuistheden en/of fouten constateert, dan verzoeken wij je dit bij ons te melden via het contactformulier. Wij zullen deze dan zo snel mogelijk herstellen.

Privacyverklaring

Wij gaan vertrouwelijk om met alle informatie die je ons geeft. Persoons- of adresgegevens gebruiken wij alleen voor het doel waarvoor je ze hebt verstrekt.  Zie hier voor onze volledige privacyverklaring.